Bananen deel 2.

Jazeker, het heeft wel even geduurd voor wij, na “Bananen deel 1”, aan het tweede deel toe waren. Maar eindelijk is het toch zover. Begin deze week konden wij de tros bananen oogsten en langzaam laten rijpen in onze bijkeuken. Ook deze keer zijn zij weer zeer smakelijk. Deze bananensoort is een tikje frisser van smaak, dan die in de Nederlandse winkels liggen. Wij vinden ze in ieder geval lekkerder.

Uiteraard hangt ons leven op dit moment van bananen aan elkaar. Tijdens iedere maaltijd eten wij wel een bananengerecht. Voorbeelden: bananen smoothie met kefir en honing, gebakken banaan met kerrie, bananenpudding (foto 4), bananenijs. En bij de koffie natuurlijk een bananen-havermoutkoekje. In de keuken staat een grote weckfles, waar een aantal bananen in schijfjes liggen te weken in wodka (brandewijn is op dit eiland niet te krijgen), om over pakweg 10 dagen bananenlikeur te kunnen maken. (zie foto 5).
Het is allemaal best even flink bewerkelijk, maar het geeft wel veel voldoening.

Wij moeten wel even dooreten, want twee nieuwe trossen dienen zich al weer aan. Gelukkig is het mogelijk bananen met schil en al in te vriezen. De schil wordt erg lelijk van deze behandeling, maar de inhoud zelf is zeer geschikt om in gerechten te verwerken. (zie foto 6). Vera maakt van een deel ook pulp, die wordt ingevroren. Die pulp kan dan weer gebruikt worden in smoothies, koekjes of ijs.

Op internet vond ik een aantal artikelen, die vermelden, dat in bananen een stof zit, die in ons lichaam wordt omgezet in serotonine. Dit is dan weer de stof die er voor zorgt, dat wij ons gelukkig voelen. In hoeverre dit waar is weet ik niet, maar wij zitten in ieder geval lekker in ons vel en wij gaan voorlopig nog even vol goede moed verder met de verwerking van deze rijkdom uit eigen tuin.

Bananen deel 1

Wij hebben in onze tuin een aantal bananenpalmen. Dit zijn decoratieve bomen, die al snel de indruk wekken, dat je een volgroeide tuin hebt. Nu kunnen wij dat wel gebruiken, want het overgrote deel bestaat uit langzaam groeiende planten en daarom oogt onze tuin nog altijd jong. Maar dus niet in het gedeelte waar de bananen groeien.

Rond de kerst ontdekten wij dat één van de palmen een bloem had gekregen. Dat belooft dus wat. Eigenlijk is het enkelvoud voor “bloem” niet helemaal correct. In het begin is er een grote knop zichtbaar, waarvan één voor één de roodbruine bladen omkrullen of afvallen. Daaronder verschijnt dan een rijtje met kleine groene staafjes, het begin van de bananen, met aan het eind een bloemetje. Inmiddels hebben wij een tiental rijtjes met deze mini banaantjes. Het gonst er van de bijen. Na verloop van tijd vallen de bloemen af en groeien de groene banaantjes uit tot grote dikke gele bananen.

Wij hopen, dat hetgeen wij beschreven hebben, goed te zien is op de foto’s. Over een tijdje hopen wij dan het tweede deel te publiceren met foto’s van de tros met gele bananen.

Ons huis is geschilderd!

Op Bonaire heeft ieder huis een kleurtje, evenals op de andere eilanden van Caribisch Nederland. Het verhaal gaat, dat dit is ingesteld door Peter Stuyvesant, die ooit gouverneur van de Antillen was. Boze tongen beweren, dat hij op dat moment aandelen in een verffabriek had. Of dit waar is, weten wij niet, maar het levert wel een kleurrijk eiland op.

Eigenlijk was ons huis al ruim een jaar geleden gereed: nieuwe deuren en ramen, een extra kamer, een gastenverblijf met keuken en eigen terras, warm water in de badkamers, een verfbeurt aan de binnenkant en heel veel kleine reparaties. Er ontbrak nog maar één ding: een nieuw kleurtje aan de buitenkant. Afgelopen weken is onze laatste wens door een schilder gerealiseerd. Wij zijn zeer enthousiast. Eigenlijk is het nog mooier, dan wij ons eerst hadden voorgesteld.

Zo zag het huis er uit toen wij het in 2016 kochten:

 

De witte kleur was zo verkeerd nog niet, maar wij vonden de bruine kleur niet mooi. Wij wilden graag een kleur, die mooi zou afsteken bij de terracotta kleur van het dak en de witte kleur van de veranda en de nieuwe deuren en ramen. In eerste instantie hadden wij ons oog laten vallen op “Savonet”, de okergele monumentenkleur van de overheidsgebouwen op Bonaire. Maar toch vonden wij deze iets te bruin en iets te somber. Na wat zoeken viel de keus op “Brittlebrush”, een kleur, die is vernoemd naar een Mexicaanse plant. Deze kleur is nog steeds okergeel, maar oogt een stuk frisser.

Brittlebrush
Brittlebrush

En dan is dit het eindresultaat:

Mooi of niet!

Zenith

 

Ik vertel vast niets nieuws als ik zeg, dat het hier af en toe flink warm kan zijn. Niet verwonderlijk, want Bonaire ligt in de tropen. Dat houdt in, dat het op de wereldbol tussen beide keerkringen ligt. Vanaf de aarde gezien lijkt het alsof de zon tussen beide keerkringen heen en weer wandelt. Hij komt dus twee maal per jaar onze breedtegraad voorbij en daardoor staat hij rond het middaguur loodrecht boven ons. Men noemt dat, dat de zon “in zenith” staat. Op Bonaire is dit op 21 april om 12:31 uur en op 20 augustus om 12:36 uur. Als je in de tuin een paal zou hebben, die perfect loodrecht staat, heb je dus een kort moment geen enkele schaduw. Ik behoef vast niet uit te leggen, dat het van het grootste belang is, je dan tegen de zon te beschermen. De zonkracht bereikt wekenlang de allerhoogste waarde: 12 op een schaal van 0 tot 12. Binnenblijven werkt het beste. Anders, bedekkende kleding (vergeet de hoed of pet niet) en smeer onbedekte huid in met een beschermende crème met hoge factor.

In de avond wordt het weer lekker koel en zien wij de zon van zijn vriendelijke kant. Vandaar de foto’s.

 

Aan de wandel.

Op Bonaire heeft een organisatie een aantal wandelingen uitgezet, die gemarkeerd zijn met roze stenen. Vergelijk deze maar met de Nederlandse wandelroutes, die worden gemarkeerd door palen met een gekleurde kop.
Vandaag en drie weken geleden hebben wij twee routes gelopen in het noorden van het eiland. Wij zijn vroeg op pad gegaan, net na zonsopgang, zodat het nog lekker koel is op het eiland.
Deze twee wandelroutes bevinden zich in het meest vochtige gedeelte van het eiland. Naast cacteeën, die je bijna overal vindt, staan hier ook veel loofbomen. Dit is zeer welkom, aangezien wij regelmatig in de schaduw van bomen liepen. Met een windje om je oren is het dan goed uit te houden.
Wij hebben veel mooie natuur gezien en zijn bovendien getrakteerd op fraaie vergezichten. Ook is dit gedeelte van het eiland nog vrij van maaimachines en bladblazers. Dat wil niet zeggen, dat het altijd stil is. Er komen hier veel papagaaien en parkieten voor. Die kunnen een enorm kabaal maken. Maar meestal is het wel stil en hoor je naast natuurlijke geluiden alleen je eigen voetstappen.

Mi ta papia Papiamentu

Wij willen deze blog weer nieuw leven inblazen. Vandaag gaan wij verder met onze studie Papiaments.

img_4921.jpg

Sinds kort volgen wij, met een aantal TWR collega’s een spoedcursus Papiaments. Het Papiamentu is de taal die de autochtone bevolking spreekt.

Papiamentu is ontstaan ten tijde van de slavenhandel op de westkust van Afrika en de Kaap Vedische eilanden, waar de Portugese slavenhandelaren zich vestigden.

Afrikaanse woorden in het Papiamentu zijn: funchi; tutu; jambo; maribomba; makamba. Portugese woorden zijn: ainda, morto, porku, pretu, tempu, tera.

Afrikaanse slaven die naar Bonaire werden gebracht, kwamen ook in contact met de Indianen die daar woonden. Indiaanse woorden zijn: maribomba, kabuya, hamaka, kunuku, lora, shimaruku, trupial.

De Spaanse en Nederlandse overheersing hebben beide een heel grote invloed op de taal gehad. Voorbeelden uit het Spaans: egualmente, uno, dos, tres, garganta. Voorbeelden uit het Nederlands: postkantòr, hopi, skùifdùr, kerki, balki, brùin.

En tot slot heeft het Engels zijn bijdrage geleverd, vooral met modernere woorden: pickup; truck; scooter; baiskel, lipstick.

Bij TWR werken autochtone Bonairianen, die Papiaments met elkaar spreken. Tijdens de dagopening en de voorbeden, horen we hen bidden in de taal van hun hart. In onze internationale kerk wordt niet alleen in het Engels en Nederlands, maar ook in het Papiamentu gelezen en gezongen. Daarom vinden we het goed en leuk om deze taal ons eigen te maken.

Thanksgiving.

 

Wij hebben gisteren voor de eerste keer in ons leven Thanksgiving gevierd. Dit feest is in Nederland vrijwel onbekend, maar in de Verenigde Staten is het een officiële feestdag. Bonaire heeft een multi-culturele samenleving en wij hebben inmiddels een behoorlijk aantal Amerikaanse vrienden. Dan moet je er niet vreemd van opkijken, dat je wordt uitgenodigd om dit feest mee te vieren. In de Verenigde Staten is het vooral een familieaangelegenheid. Hele families komen bij elkaar om samen te eten. Op Bonaire, waar de meest Amerikanen geen familie hebben, is het vooral een vriendenfeest. Het traditionele eten is kalkoen, casserole, ham and cranberries, mashed potatoes en pumpkin pie. Dit hebben wij dus gisteren allemaal gegeten.
Thanksgiving is ontstaan als feest van de Pilgrims Fathers, die vanuit Engeland via Nederland naar de Nieuwe Wereld zijn gevlucht. George Washington heeft het als feestdag ingesteld.

De Agave

In onze tuin staan twee hele grote agaves, 3 a 4 meter breed en zo’n twee meter hoog. Ze zijn groter dan ik.Welke soort het is, vinden wij moeilijk vast te stellen, want er zijn veel soorten en zij lijken vaak veel op elkaar. Maar dat doet er niet zoveel toe. Wat ik jullie wil vertellen, is dat wij op een dag in januari zagen, dat er een dikke steel uit één van de planten ging groeien. Dat gebeurt aan het eind van hun leven, als zij zo’n 30 a 40 jaar oud zijn. Op de foto’s kunnen jullie zien hoe lang die steel is geworden. Vervolgens groeien aan die steel hele mooie gele bloemen, in het begin alleen onderaan, maar na een tijd gaat ook het topje bloeien. Wij hebben hier erg van genoten, omdat deze bloemen ook weer allerlei vogels aantrekken. Aan al dat moois kwam vanzelf een eind. Maar daarmee was het voor die plant nog niet afgelopen. Na enkele weken begonnen op de plaats, waar de bloemen hebben gezeten, kleine agaves te groeien, die na enkele weken dan weer naar beneden vielen. Ik heb er een aantal gebruikt om nieuwe agaves in onze tuin te planten. Inmiddels zijn wij zo’n negen maanden verder en heb ik de steel omgehakt om te voorkomen, dat deze op het huis van de buurvrouw zou vallen. De rest van de plant zal verdorren, maar zijn nageslacht leeft voort op andere plaatsen in onze tuin.

Kerststalletje

Deze week ging een lang gekoesterde wens in vervulling: een nieuw overdekt terras naast ons gastenverblijf. Een aantal weken geleden is de basis van het terras reeds gemaakt door een betonnen platform te storten. Tegelijkertijd is er een nieuwe doorgang gemaakt naar de veranda, zodat het gastenverblijf gemakkelijk is te bereiken. Deze week is er een overkapping op geplaatst, die voor de nodige schaduw moet zorgen. Vera noemt het “Ons Kerststalletje”.

Dit bouwwerk was een wens van ons, omdat het voor onze gasten nog ontbrak aan een goede plek om overdag koel te zitten. Het terras ligt net naast ons huis op de plek waar de meeste wind staat. Met de schaduw van de overkapping is dit een heerlijk koele plek, de gehele dag door. En als wij geen gasten hebben?  Dan zitten wij er lekker zelf.

Tuinieren

Beste volgers,
Het is even twee maanden stil geweest. Niet dat wij zelf stil hebben gezeten, maar er was niets te melden om jullie op een verhaaltje te trakteren. Maar nu hebben wij weer iets bijzonders: wij hebben palmen in onze achtertuin geplant! Jullie vragen je wellicht af: “Is dit werkelijk bijzonder? Palmen in de tropen klinkt toch heel gewoon”. Dat klopt, maar niet de palmen zijn bijzonder, maar wel de manier van planten. Het begon allemaal met een bestaande palm in onze voortuin, die heel veel noten had gekregen, ter grootte van flinke eikels. Wij hadden er een groot aantal in een bak met aarde gedaan, want wij hoopten, dat er wel een aantal op zouden komen. Zij kwamen allemaal op, dus opeens zaten wij met een grote hoeveelheid baby-palmpjes. Na ze opgekweekt te hebben leek het ons leuk om op 12 plekken in de achtertuin er een te planten. En hier ging het mis. Het lukte op geen enkele wijze om een spade in de grond te krijgen, zo hard was de grond. Een collega wist raad. Van mijn werkgever mocht ik een drilboor lenen, waarmee ik de 12 gaten in de grond kon boren. Jullie mogen van mij aannemen, dat dit zwaar werk was. Maar het is wel goed gelukt. Wij hebben nu een palmen-cirkel en een oprijlaan met palmen. Nu nog veel geduld hebben, want palmen groeien heel erg langzaam.
(Overigens: de zwarte slang op de foto is voor irrigatie.)